· 

Wat is over van (of voor) links?

Tekst en beeld: Tom Bergrath

De Duitse sociaal-democraten zijn op zoek naar linkse antwoorden op de grote vraagstukken van deze tijd. maar wat zijn precies die grote vraagstukken? Met welke thema's kunnen de radeloos ogende sociaal-democraten eindelijk weer nieuwe kiezers - niet alleen in Duitsland, maar ook in Nederland, Frankrijk en andere Europese landen - aan zich binden. De Friedrich-Ebert-Stiftung, een sociaal-democratische denktank organiseerde op een bloedhete avond in Berlijn het evenement What's Left?, als aftrap van een zoektocht naar een centrum-links verhaal voor de 21e eeuw. 

Venijnige leden

Generalsekretär (algemeen secretaris) Lars Klingbeijl, temperde namens het landelijke partijbestuur meteen de verwachtingen; hij verwacht niet dat zijn partij de komende regeerperiode al panklare concepten kan aanbieden om uit het dal te klimmen. Daarvoor is het huidige politieke klimaat, zowel nationaal als internationaal, te ingewikkeld. Ook de strubbelingen binnen de eigen gelederen maken het niet eenvoudig tot een nieuw verhaal te komen. Klingbeijl had dan ook geen makkelijke avond. De reacties vanuit het publiek (veelal SPD-leden) waren een aantal keer uiterst venijnig, om niet te zeggen vijandig: de partijbazen verdienen te veel en begrijpen de kleine man niet; de partij staat niet meer aan de zijde van de arbeider, maar aan die van het kapitaal; ze is gezwicht voor het neoliberalisme; ze vertegenwoordigt het volk niet meer, luistert niet naar de achterban en communiceert in één richting, van boven naar beneden.

Lars Klingbeijl, lid van de Bondsdag namens SPD, tevens algemeen secretaris van die partij
Lars Klingbeijl, lid van de Bondsdag namens SPD, tevens algemeen secretaris van die partij

Nieuwe kernthema's nodig

Voor de theoretische onderbouwing zat een politieke filosofe (Lisa Herzog van de universiteit München) op het podium. Waar het ging het dan over? In de eerste plaats over de toekomst van de sociaal-democratie. Hoe moet een politiek links van het midden eruit gaan zien? De SPD, alsook de andere linkse partijen in Duitsland hebben de laatste jaren ingezet op sociale rechtvaardigheid als kernthema. Dit begrip heeft duidelijk te weinig electorale slagkracht. Het probleem ervan: vrijwel iedereen is voor sociale rechtvaardigheid, je kunt er moeilijk tegen zijn. Het polariseert te weinig. Veel mensen zien weliswaar onrechtvaardigheid, uitbuiting en een groeiende kloof tussen arm en rijk om zich heen, toch bepaalt in de regel niet hun stemkeuze. Andere thema's beheersen het huidige politieke klimaat: Heimat, nationale identiteit, vluchtelingen, migratie, integratie. Op die punten geniet links in Duitsland (alsook in de rest van Europa) weinig vertrouwen, getuige de bijna één miljoen AfD-kiezers die eerder op SPD of die Linke stemden. 

Moraal beheerst debat

De eerste stap naar een betere electorale strategie is in de eerste plaats het vinden van thema's die juist de SPD (en ook de andere linkse partijen) hoog op de politieke agenda kunnen zetten. Thema's die én veel mensen raken en waarop de SPD vertrouwen kan terugpakken. De gespreksleidsters wierp het Bedingungslose Grundeinkommen (onvoorwaardelijke basisinkomen) op. Een lastig onderwerp, zo bleek. Klingbeijl is duidelijk zelf geen voorstander te zijn van van zo'n basisinkomen, maar gaat wel graag de discussie over verdeling van welvaart aan. 

 

Een rechtvaardige welvaartsverdeling is één van de belangrijkste fundamenten van het sociaal-democratische verhaal; juist dat thema ondergesneeuwd is door het hele vluchtelingendebat en de opkomst van het populisme. Het maatschappelijke debat moet weer veel meer gaan over het verdedigen van concrete belangen - zoals meer zeggenschap over het eigen inkomen, werkdruk en vrije tijd. Herzog ziet het debat nu vooral draaien om moraal, angst voor globalisering en het neerzetten van bepaalde groepen als slachtoffers en anderen als schuldigen. Zolang moralistische houdingen en niet concrete belangen de agenda bepalen, ligt er weinig ruimte op links.

Digitalisering

Digitalisering is zo'n onderwerp, waar Klingbeijl sterkere aanknopingspunten ziet met het grote welvaartsverdelingsvraagstuk. De alsmaar uitdijende digitale economie en automatisering zullen tienduizenden banen wegvreten, resulterend in een leger aan werklozen. Mensen lezen dit dagelijks in de krant; de angst ervoor vertaalt zich vreemd genoeg meer in angst voor vluchtelingen en globalisering dan in angst voor digitalisering, meent Klingbeijl. De welvaartsstaat is daarom dringend aan hervorming nodig om toekomstige sociale ellende in te dammen. De SPD voert hier een intern debat over, maar uitgewerkte concepten zijn er nog niet. Wel schaven de sociaal-democraten aan plannen voor permanente bijscholing en efficiëntere indeling van arbeidstijd. Werkgevers hebben in dat opzicht een belangrijke verantwoordelijkheid; de SPD hoopt op meer mogelijkheden om het bedrijfsleven (in het bijzonder ook grote digitale ondernemingen) tot meer handelen te dwingen.

Digitale distopie

Voor Herzog gaat digitalisering behalve over massawerkeloosheid en welvaartsverdeling nog veel meer nog over macht en de verdeling daarvan. Wat als er nieuwe sociale vangnetten (als een basisinkomen) ter bestrijding van armoede komen, maar de macht van firma's als Google en Amazon in nog meer geledingen van de maatschappij dringt. Dat is een distopie, aldus Herzog. "Het economische systeem moet bij de wortel aangepakt worden". De filosofe wijst op het concept Wirtschaftsdemokratie (economische democratie) als mogelijk instrument, waar ook in Groot-Brittannie en de VS over gedebatteerd wordt. Juist in de digitale economie zijn veel werknemers ongeorganiseerd of als kleine zelfstandige actief, zonder enige vorm van vertegenwoordiging. Een oplossing ligt in het versterken van ondernemingsraden en werknemersbonden. Die zijn in Duitsland nog relatief sterk ten opzichte van de Angelsaksische wereld, maar ook hier bestaat onzekerheid over hun houdbaarheid.

Pro-Europa

In het bijzonder digitale mega-ondernemingen (Google, Apple, Amazon etc.) zitten niet bepaald te springen om democratisering van hun bedrijfscultuur. Juist in een versteviging van de onderhandelingspositie van werknemers in de digitale sector en kleine zelfstandigen en liggen profileringskansen voor (centrum-)links, meent Herzog. Krachtige instituten zijn nodig om de digitale economie open, eerlijk en beheersbaar te houden en de macht van Google en consorten in toom te houden. Dat kan niet zonder de EU. Op dat punt is de twijfelende SPD-bestuurder Klingbeijl dan wel weer heel resoluut: de sociaal-democraten moeten een duidelijke pro-Europese koers varen, ook om zich scherp tegen de AfD af te zetten. 

 

De partij weet zich gesteund door de statistieken: drievierde van de Duitse jongeren vindt een sterk Europees verhaal belangrijk. Een duidelijk contrast met het dominerende, grote rechte verhaal van minder Europa, minder migratie, minder globalisering.  Gaat dan - in een tijd waar de anti-Europese stemming lijkt te overheersen - uitgerekend het thema 'Europa' de linkerflank van het politieke speelveld versterken? Hoe dan ook, de ruimte voor nieuwe politieke dynamiek ligt op links. Die ruimte te benutten is voor de ietwat aangeslagen SPD - toch nog altijd Europa's grootste centrum-linkse partij - niets minder dan een ultieme beproeving.